Stille Tijd
Deze pagina is gemaakt door
www.bobru.nl

Beginpagina (home) Bijbel-Stille Tijd Psalmen Gedichten Ons Tuin Erf On the Road Les vacances Digi-Pictures Gedachten Zegveld Groep 8
 

Genesis 15 : vers 1 t/m 7
Twijfel je aan de beloften van God ...Tel de sterren aan de hemel !!!

 

Op het moment dat ik dit typ op mijn computer (laptop) zit ik op de evangelische camping
 " de Betteld " in onze caravan. Een soort van " moderne Abram "   :-)
Als ik naar buiten loop, zie ik dezelfde sterren die Abram heeft gezien.
Het kijken naar de hemel in de donkere nacht is sindsdien niet veel veranderd.
Dat geldt ook voor het woord van God; dat geldt ook voor Gods beloften.
Daarom zijn er vanuit dit Bijbelgedeelte ook veel verwijzingen naar het Nieuwe Testament !!!

Allereerst noemt de Heere God Abram bij zijn naam !!
Wat een geweldige troost is het dat de Heere God ons ook bij onze naam noemt.
Daar hoef je geen Adam, Henoch, Noach of Abram voor te heten.
Nee, God kent je, Hij roept je, Hij heeft een woord voor je.
Dan moet je wel opmerkzaam zijn en je hart op God richten.
Abram heeft dat gedaan (zie hoofdstuk 14) en blijft dat ook hier doen ....
Zo verschijnt de Heere God hem in een visioen en zegt :
Wees niet bevreesd, Abram, Ik ben voor u een schild, uw loon zeer groot.
Tja.... De wereld van Abram laat iets anders zien.
Natuurlijk, Abram was rijk (en) gezegend,
maar het allerbelangrijkste in zijn leven is tegelijkertijd het grootste gemis !!!!!
Abram heeft nog steeds geen zoon en dus geen nageslacht, die alles zal erven.
Waarom is dat zo belangrijk voor Abram ?
Die erfenis houdt niet alleen de rijkdom van Abram in, maar ook de beloften die God aan Abram heeft gegeven.
Dat kunnen we lezen in Genesis 12 vers 2 :
Ik zal u tot een groot volk maken, u zegenen en uw naam groot maken; en u zult tot een zegen zijn.
En in Genesis 12 vers 7:
Toen verscheen de HEERE aan Abram en zei: Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven.
Deze beloften gaan veel verder dan rijkdom; deze beloften lopen door tot na Abrams dood, tot in de eeuwigheid.

Abram heeft daar nog niets van gezien..... Er is geen nageslacht en dus helemaal geen uitzicht op een groot volk !!!
Hoe kun je dan spreken van " uw loon zeer groot ?"
Vandaar ook de vraag in vers 2 :
Heere, HEERE, wat zult U mij dan geven, aangezien ik kinderloos heenga en de bezitter van mijn huis deze EliŽzer uit Damascus zal zijn?
Een vraag die wij ook zouden stellen wanneer wij Abram zouden zijn geweest.
Sterker nog ... Vandaag de dag stellen wij God het eerste deel van de vraag ook zo vaak !!
We lezen in de Bijbel van Gods beloften of we horen vertellen over Gods Koninkrijk. ( dat is eeuwig leven door Jezus Christus )
Tegelijkertijd zien wij onze omstandigheden; de wereld waar wij in leven; hoe wij zelf leven ....en stellen dezelfde vraag:
"Heere, HEERE, wat zult U mij dan geven ? "
We kunnen het ons zo moeilijk voorstellen dat door de Zoon van God (Jezus Christus) er vergeving is
en dat wij " meer dan overwinnaars zijn door Hem, Die ons liefgehad heeft ." ( Romeinen 8 vers 37 )

Laten wij naast Abram gaan staan en nu hetzelfde gaan doen wat hij in vers 5 moest gaan doen van de Heere !!
Dat is sterren tellen ..... dezelfde sterren als Abram duizenden jaren geleden telde.
En dan tegelijkertijd weten dat in Openbaring 1 vers 8 staat :
"
Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is en Die was en Die komt, de Almachtige."

De Heere spreekt tot Abram. In vers 4 krijgt Abram de belofte :
Deze man zal uw erfgenaam niet zijn, maar iemand die uit uw eigen lichaam voortkomt, die zal uw erfgenaam zijn.
Zo spreekt de Heere ook vandaag tegen ons. Door Jezus Christus zijn wij erfgenamen van God.
Want in het Nieuwe Testament staat in Galaten 3 vers 29:
En indien Gij van Christus zijt, zo zijt gij dan Abrhams zaad, en naar de beloftenis erfgenamen.
Hoe reageren wij op deze belofte ? Hoe staan wij tegenover God ? Wat doen wij met het Woord van God ?
Abram geloofde... Dat kunnen we in vers 6 lezen:
En hij geloofde in de HEERE, en Die rekende hem dat tot gerechtigheid.

Het lijkt zo maar een zinnetje, maar als de Heere je tot gerechtigheid rekent, staat je wereld op zijn kop.
Niet voor niets komt dit woord in Genesis 15 vers 6 terug in het Nieuwe Testament.
In de Romeinenbrief (Romeinen 4 vers 3) :
Want wat zegt de Schrift ? En Abraham geloofde God, en het is hem gerekend tot rechtvaardigheid.
In de Jakobusbrief (Jakobus 2 vers 24):
En de Schrift is vervuld geworden, die daar zegt: en Abraham geloofde God,
en het is hem tot rechtvaardigheid gerekend, en hij is een vriend van God genaamd geweest


Gerechtigheid betekent " dat we RECHT komen te staan voor God. "
Nog duidelijker uitgedrukt : " wij worden niet veroordeeld door de wet, maar vrijgesproken in en door Jezus Christus."
Dat is de wereld op zijn kop !! Waarom ?
Jezus heeft Zijn leven lang de wil gedaan van Zijn Vader (God)...
Dat is een leven leiden wat wij niet (kunnen) doen;
dat is het leven leiden waar wij voor zijn gemaakt (geschapen) en geboren : God aanbidden en lofprijzen !

Totaal onschuldig wordt Hij door God verlaten en sterft Hij aan het kruis van Golgotha.
Hierdoor krijgt Hij de straf, die wij hebben verdiend.
Zo worden de duivel, de dood en de zonde verslagen.
Na drie dagen in het graf te hebben gelegen, is Hij opgestaan uit de doden.
Hij leeft en regeert NU en tot in EEUWIGHEID !!
En juist het geloof in Zijn sterven en opstanding zet ons weer RECHT tegenover God !!
Dat is : Geen eeuwige dood, maar eeuwig leven !!! Dat is de wereld op zijn kop !!!
De Heere God zegt in Johannes 3 vers 16 (Naardense Bijbelvertaling):
Want zozeer heeft God de wereld liefgehad dat hij de Zoon, de eniggeborene, gegeven heeft,-
opdat ieder die in hem gelooft niet verloren zal gaan maar eeuwig leven mag hebben.



Ps. Bij twijfel over dit Bijbelgedeelte ....
Kijk toch naar de hemel en tel de sterren, als u ze kunt tellen.(Genesis 12 vers 5)


BoBru 19102011


voor reacties: