PSALMEN
Deze pagina is gemaakt door
www.bobru.nl

PSALM 13


Hoelang .... Heere ?
  Hoelang zal de Heere doen, alsof Hij er niet is ?
Het is het begin van een vraag die 4 keer in deze psalm wordt gesteld.
Het is een klacht vanuit het hart die voor ieder (gelovig) mens herkenbaar is !
Elke keer weer anders :

2 Hoelang nog, HEERE? Zult U mij voor altijd vergeten?
Hoelang zult U Uw aangezicht nog voor mij verbergen?
3 Hoelang zal ik nog plannen maken in mijn ziel,
verdriet hebben in mijn hart, dag na dag?
Hoelang zal mijn vijand zich nog boven mij verheffen?

De Naardense Bijbelvertaling spreekt van " Tot wanneer ."
Hiermee is in deze psalm wel de toon gezet,
want in de aanhef van de vraag klinkt "hoop en verwachting " door .
"Tot wanneer" geeft een einde van de situatie aan !!
De psalmdichter David weet van verlossing, van bevrijding, van redding .....
Toch gebeurt er veel tussen die eerste vraag en het einde van de psalm.
Laten wij eens goed kijken naar die vragen :

2 Hoelang nog, HEERE? Zult U mij voor altijd vergeten?
Wanneer wij naar David en ons zelf kijken, lijkt deze vraag volkomen terecht.
De woorden " Hoelang " en " voor altijd " laten hier de afstand zien tussen God en de mensen.
Toch stelt David hier een verkeerde vraag, want God kan Zijn kinderen niet vergeten.
In Jesaja 49 vers 15 en 16 staat ( Herziene Statenvertaling ):
15 Kan een vrouw haar zuigeling vergeten,zich niet ontfermen over het kind van haar schoot?
Zelfs al zouden die het vergeten, Õk zal u niet vergeten.
16 Zie, Ik heb u in beide handpalmen gegraveerd,uw muren zijn steeds vůůr Mij.
Deze belofte van God blijft altijd staan en is zelfs het houvast voor een leven in de schaduwen van de dood !
Zal God mij voor altijd vergeten, zelfs in mijn sterven ?
 Nee, want Hij is Schepper van hemel en aarde. Hij is ook mijn Schepper !!!
God is het antwoord op mijn enige troost in leven en sterven !!
Psalm 138 vers 8 :
De HEERE zal Zijn werk voor mij voltooien;
Uw goedertierenheid, HEERE, is voor eeuwig;
laat de werken van Uw handen niet los.

De tweede vraag is daarom ook anders :
Hoelang zult U Uw aangezicht nog voor mij verbergen?
David weet dat de Heere er is, dat Hij aan hem denkt....maar dat God Zich niet laat zien.
Wat zijn dat zware en moeilijke momenten voor een gelovige.
Het is de ervaring " vergeten te worden door God ", de ervaring van " een gesloten hemel ",
de ervaring van " je afgesloten voelen van Gods gunst, liefde en goedheid....."
Opvallend is wel dat David niet aan de Heere vraagt " waarom hij zo moet lijden?"
Zijn vraag is : "Hoelang nog, Heere ?  Tot wanneer, Heere ?"
Er is dus vertrouwen ... misschien wel tegen beter weten in !!
Dat kan de eenzaamheid van de gelovige groter maken,
want juist in Gods afwezigheid lijken de dagen van eenzaamheid voorbij te kruipen.
Alsof er geen einde aan komt ..... het neemt David helemaal in beslag.

  Dat lezen we dan ook terug in het derde " hoelang. "
3 Hoelang zal ik nog plannen maken in mijn ziel,
verdriet hebben in mijn hart, dag na dag?
Als God mij niet ziet ....Wat heeft het leven nog voor zin ?
Ik kan dan wel proberen te leven, maar voor wie ?
Het Gods vertrouwen staat op breken
en je gaat denken dat God niet bestaat en je geloof een vergissing is...
De wereld weet wel wat je moet beslissen,
want met zo'n God sta je aan de verliezende kant.
En dat laten ze in deze psalm David ook wel merken.

Daarom roept David een vierde " hoelang " en " tot wanneer " naar de Heere.
Hoelang zal mijn vijand zich nog boven mij verheffen?
Hier klinkt de vijandschap die David voelt als gelovige.
Het onbegrip, de tegenwerking, de opmerkingen : " Waar is God dan ? "
Ze raken David steeds weer in zijn ziel !!
Nietzche zei:  " God is dood " en laat de dwaas op de markt roepen : " Ik zoek God."
Het gevolg : opmerkingen van triomfantelijke opschepperij  en hilariteit:
" Is Hij soms verdwenen, Heeft Hij Zich verstopt of misschien is Hij wel geŽmigreerd."
Wanneer men geen ervaring heeft van God, dan breken velen met God.
David, wat heb je aan zo'n God ? Een beetje verstandig man weet toch wel beter !!

Het zijn woorden die ook tegen Jezus zijn geroepen.
MattheŁs 27 vers 39 t/m 43:
39 En de voorbijgangers lasterden Hem, schudden hun hoofd,
40 en zeiden: U Die de tempel afbreekt en in drie dagen opbouwt, verlos Uzelf.
Als U de Zoon van God bent, kom dan van het kruis af!
41 En evenzo spotten ook de overpriesters,
samen met de schriftgeleerden en de oudsten en de FarizeeŽn, en zij zeiden:
42 Anderen heeft Hij verlost, Zichzelf kan Hij niet verlossen.
Als Hij de Koning van IsraŽl is, laat Hij nu van het kruis afkomen en wij zullen Hem geloven.
43 Hij heeft op God vertrouwd; laat Die Hem nu verlossen als Hij Hem welgezind is,
want Hij heeft gezegd: Ik ben Gods Zoon.

 

Zo wordt God gedood in ons leven en kiezen we voor onze " eigen wijsheid."
Wat doen wij ?  Wat doet David ?
De klacht " Hoelang " zet David in beweging !! Van klagen tot God gaat het naar bidden tot God :
4 Zie mij aan, verhoor mij, HEERE, mijn God!
Verlicht mijn ogen, anders ontslaap ik in de dood,
5 anders zegt mijn vijand: Ik heb hem overwonnen,
en verheugen mijn tegenstanders zich, wanneer ik wankel.
David bidt niet om hulp of om de overwinning op zijn tegenstanders.
Hij vraagt niet om concrete dingen, hij legt God geen verlanglijst voor ...
Nee, hij bidt en vraagt God om naar hem om te zien, hem antwoord te geven
en zijn ogen te verlichten, zodat hij niet dood gaat !!
Wanneer de Heere zijn ogen niet verlicht, zullen zijn tegenstanders zijn dood zien.

"Verlicht mijn ogen" betekent " sterk mijn geloof", want het geloof is het oog van de ziel.
Verlicht mijn ogen, zodat ik mijn God ook in de duisternis kan zien.
Het is het gebed van een mens in de diepe nachten van het leven,
Het is de schreeuw uit de schaduwen van de dood.
Of zoals het bekende lied " Blijf bij mij, Heer " het zingt (vers 1 en 5) :

Blijf bij mij, Heer, want d' avond is nabij.
De dag verduistert, Here, blijf bij mij!
Als and're hulp m' ontbreekt, geluk m' ontvliedt,
der hulpelozen hulp, verlaat mij niet!

Houd hoog uw kruis voor mijn verdonk'rend oog,
Licht in de schemer, leid mij naar omhoog!
De morgen daagt, de schaduw gaat voorbij:
in dood en leven, Heer, blijf mij nabij!

  David kan en wil niet zonder de Heere leven; hij  moet onder Gods ogen zijn.
Zijn geloofsvertrouwen is ontwaakt. Wanneer God mij ziet, is het al genoeg.
Dan kan ik weer leven, want alleen voor Zijn Aangezicht is er leven !!
Wat een wonder !!!

Ook wij hebben dat Licht (van de Heilige Geest) nodig.
Dan zien wij verandering; dan gaan wij veranderen.
Het is midden in de nood vertrouwen op Gods goedertierenheid
en het zingen van verlossing.
Zo kunnen wij dan met David de Heere gaan danken:
6 Ik echter vertrouw op Uw goedertierenheid,
mijn hart zal zich verheugen in Uw heil,
ik zal voor de HEERE zingen,
omdat Hij goed voor mij geweest is.
Het klagen is bidden geworden en het bidden is zingen geworden.
Blijf bij mij, Heer "  zingt (vers 4) :

Geen vijand vrees ik, als Gij bij mij zijt,
tranen en leed zijn zonder bitterheid.
Waar is, o dood, uw schrik, graf, waar uw eer?
Meer dan verwinnaar blijf ik in de Heer.

De wolken zijn weggetrokken uit zijn ziel
en de zekerheid van het geloof begint te roemen over Gods genade en liefde.
Hoe dat kan ?
David houdt vast aan de Bron van het leven,
de Bron van alle goedheid en gerechtigheid.
Hij heeft ontdekt dat wie op God vertrouwt het grootste goed en geluk heeft.
Of zoals het in psalm 27 vers 13 en 14 staat :
13 Als ik toch niet had geloofd dat ik de goedheid van de HEERE zou zien
in het land van de levenden, ik was vergaan.
14 Wacht op de HEERE, wees sterk en Hij zal uw hart sterk maken;
ja, wacht op de HEERE.

 Voor ons is het allemaal nog veel duidelijker geworden :
 De Godverlatenheid waar David over spreekt,
 is " echte werkelijkheid " geworden in de drie uur durende duisternis op Golgotha.
 De Godverlatenheid van Jezus (
Mijn God, Mijn God, waarom verlaat Gij Mij ? - MattheŁs 27 vers 46 en Markus 15 vers 34 )
 is tegelijkertijd de ImmanuŽl (God met ons). Daarom zei   Jezus  (Johannes 14 vers 6) :
 " Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven, niemand komt tot de Vader dan door Mij "
Wij kunnen God niet zoeken buiten Christus om  !!
Ook niet in het jaar 2011 !!

 

BoBru 31122010